Je innerlijke kind
Je innerlijke kind, wat is dat eigenlijk, en wat moet je ermee?
Misschien heb je de term wel eens voorbij zien komen. In een boek, een podcast, een gesprek met iemand die “aan zichzelf werkt.” Innerlijk kind.
En misschien dacht je: mooi concept, maar wat doe ik daar nou mee? Ik ben volwassen. Ik heb een leven. Ik loop niet met een teddybeer.
Snap ik. Maar laat me je iets vertellen.
Het begint vroeg
Ergens tussen je geboorte en je zevende, achtste jaar leg je de basis van wie je bent.
Niet bewust. Niet met een plan. Maar je kleine brein absorbeert alles. Hoe er op je gereageerd wordt als je huilt. Of er ruimte is voor jouw gevoelens. Of jij er gewoon mág zijn ook als je lastig bent, ook als je iets fout doet, ook als je iets nodig hebt.
En op basis van wat je meemaakt, leer je conclusies te trekken. Ik moet lief zijn om geliefd te worden. Als ik boos ben, gaat het mis. Ik moet het zelf oplossen. Ik ben te veel.
Die conclusies zijn niet waar. Maar voor een kind van vijf voelden ze levensecht. En ze worden opgeslagen. Diep. Als waarheid.
En dan word je groot
Je wordt ouder. Je leert functioneren. Je bouwt een leven.
Maar die kleine, die zijn conclusies trok op de kleuterschool, op de achterbank van de auto, aan de keukentafel, die is er nog steeds. Die reageert wanneer iemand je afwijst. Die krimpt ineen wanneer iemand boos op je is. Die werkt zichzelf uit de naad om erbij te horen. Die zegt ja terwijl je hele lijf nee roept.
Niet omdat jij als volwassene dat kiest. Maar omdat dat kleine kind van vroeger het stuur overneemt. En je hebt het vaak niet eens door.
Hoe herken je het?
Je innerlijke kind laat zich zien in reacties die groter zijn dan de situatie vraagt.
Je collega maakt een opmerking en jij voelt je ineens heel klein. Je vriend is een avond stil en jij denkt meteen: heb ik iets fout gedaan? Iemand stelt een grens en jij voelt je afgewezen, ook al is er niets aan de hand. Of andersom, je sluit je af. Wordt hard. Doet of het je niks doet.
Dat zijn geen karakterfouten. Dat zijn overlevingsstrategieën van een kind dat destijds geen andere keus had.
Wat moet je er dan mee?
En hier wordt het interessant.
Want je innerlijke kind helen betekent niet dat je in het verleden gaat graven tot je er gek van wordt. Het betekent niet dat je je ouders de schuld geeft van alles. En het betekent zeker niet dat je wekenlang ligt te huilen op een yogamat.
Wat ik doe in mijn praktijk is werken met NEI (Nieuwe Emotionele Inzichten). Geen jarenlang spitten. Geen herspelen van oude pijn.
We zoeken op welk gevoel, welke overtuiging, welk moment er nog actief is in jouw volwassen leven. Je hoeft het niet volledig te begrijpen. Je hoeft het niet eens helemaal te herinneren. We erkennen het en dan koppelen we het los. Zo ontnemen we het zijn grip op wie jij nu bent.
Want dat gevoel dat jou vandaag nog beïnvloedt? Dat is niet van nu. Dat is van toen. En wat van toen is, hoeft niet mee te gaan naar morgen.
Wat daarna komt is dit: leren zien wanneer het kind spreekt. En dan als volwassene aanwezig zijn. Erbij zijn. Zeggen wat het toen nodig had maar nooit hoorde.
Het is oké dat je boos bent. Jij mag er zijn, precies zoals je bent. Je hoeft het niet alleen op te lossen. Ik laat je niet vallen.
Klinkt misschien simpel. Maar voor iemand die dat als kind nooit heeft gehoord of niet echt heeft gevoeld, kan het enorm veel losmaken.
Je innerlijke kind vraagt niet veel. Alleen maar dat jij, de volwassene die je nu bent, even omkeert. Even luistert. En zegt: ik zie je. En je bent veilig bij mij.
Dat is het begin van alles.
Wil je weten hoe ik hiermee werk in mijn praktijk? Stuur me een berichtje.
Gerelateerde blogs
die jouw pad verder verlichten
Ontdek meer verhalen die aansluiten bij jouw reis. Laat je verder inspireren door inzichten die in lijn zijn met jouw groei en bewustzijn.
